Ja, ik heb iets met Scandinavië. De combinatie van natuur, weerbaarheid, organisatie, architectuur, cultuur en authenticiteit bekoort de ziel, verlicht de geest en houdt het lichaam gezond. Althans, zo denk ik, en ook de engel waarmee ik getrouwd ben, er over. Ze maken er zelfs wijn, wat toch bijzonder is op die breedtegraad. Typisch zijn de frisse zuren en dan ben ik al verkocht. Tijd voor een overzicht.

De wijnbouw in Scandinavië is jong en kleinschalig maar ze groeit. Het is uiteraard de klimaatverandering die hierin meespeelt. Nieuwe hybride druivenrassen en enkele enthousiaste wijnbouwers doen de rest. Schimmelresistente druiven, PIWI’s ofwel Pilzwiederstandsfähige druiven, zijn bestand tegen meeldauw en valse meeldauw dus uiterst geschikt voor koele klimaten.
Koel kan het er wel zijn in Scandinavië. Ijskoud ook en die enorme vrieskou kan een gevaar zijn voor de wijnstokken. Maar in de zomer compenseren de lange zomerdagen met hun Noorderlicht de frisse temperaturen waardoor de druiven goed rijpen en hun zuurgraad behouden. Dan doet de fotosynthese volop zijn werk. Zuidgerichte hellingen en nabijheid van water dragen ook bij aan de rijping.
Maximaal zon opvangen met stokken op het Zuiden gericht is zelfs cruciaal. Hellingen zorgen ook voor een snellere evacuatie van koude lucht. Minstens even belangrijk is de nabijheid van water. Scandinavische wijnvelden vind je meestal nabij de zee, in de buurt van fjorden of op eilanden. Het water warmt langzaam op en werkt vervolgens als een thermische buffer tegen vroege vorst of te lage najaarstemperaturen.
Toch blijft Scandinavië een ‘extreme cool climate’ gebied en ligt met gemiddeld 900 Growing Degree Days volgens de Winkler Index onder het niveau van Champagne en Zuid-Engeland. Tussen de jaren 1000 en 1250, tijdens de warme periode in de Middeleeuwen, stonden er druiven in Denemarken en het Zuiden van Zweden. Weg waren ze bij de kleine ijstijd die daarop volgde.
Wijnstokken in Scandinavië staan veelal op bodems van grind, kiezel, zand en puin van gletsjers. Goede drainage gegarandeerd. Het zijn ook arme bodems waarop de druivelaar in zijn element is. Solaris komt vandaag veel voor. Andere aangeplante rassen zijn rondo, regent en souvignier gris. Ze brengen frisse witte en mousserende wijnen voort. Denk dus aan aroma’s van appel, kruisbes, citrus en vlierbloesem.
Solaris is het vlaggenschip van de wijnbouw in het Noorden. Ze heeft een korte rijpingstijd waardoor de druiven pluk-klaar zijn voor de eerste vorst. Zelfs in koele condities ontwikkelt solaris veel suikers wat wijnen van pakweg 11 tot 13% alcohol oplevert. Als PIWI-druif kan ze bijna pesticidevrij worden geteeld. Dankzij de genetische bijdrage van de vitis amurensis in haar kruising, is ze ook goed bestand tegen vorst.

Denemarken heeft wijndruiven in de gebieden Noord-Seeland, dat is het kustgebied van het eiland Seeland nabij Kattegat, op het eiland Bornholm in de Oostzee met zijn Baltisch maritiem klimaat en in Jutland aan de zanderige kust van het grote schiereiland op het vasteland in het Westen. Het land kreeg in 2000 de EU-erkenning als wijn producerend land en telt iets meer dan 120 wijnboeren.
Het Zuiden van Zweden is relatief de warmste streek van Scandinavië. Daar staan dus druiven op kalkrijke kleibodems in Skane, Halland, Smaland en Blekinge. Veel kalk vind je ook op het eiland Gotland in de Oostzee met zijn Baltische zeeklimaat. Op het plateau van het eiland Öland in Zuid-Oost Zweden tref je nog enkele van de zowat 100 Zweedse wijnmakers aan. Hun wijnen worden in het land enkel verkocht via staatswinkels.
In Noorwegen is de wijnsector met zijn enkele tientallen producenten wat kleiner. Op de zuidhellingen van de beschutte valleien in Telemark, in Zuid-Noorwegen in het gebied rond Varv, staan de druivenplanten op gletsjerpuin en leem. Extreem noordelijk op ongeveer 61 graden noorderbreedte ligt het kleinschalige wijngebied van Sognefjord waar de fjord voor een microklimaat zorgt. Naast wijnen zijn er ook appelciders populair.
Als ze iets doen daar in Scandinavië dan doen ze het goed. Universiteiten onderzoeken andere druivenrassen en hun effecten op knopvorming, rijping en wijnkwaliteit. Microbiologische studies van de bodem naast de relatie tot microklimaat en invloed van daglengte zijn hele specifieke studiedomeinen. Duurzaamheid staat daarbij altijd op de eerste plaats. Dat en de enorme solidariteit kenmerkt hun ontwikkelingsdrang.
Ik vind het een bijzonder deel van onze wereld en volg met speciale aandacht hun wijnbouw. Is dit een wijngebied zoals we 30 jaar geleden ook naar België en Nederland keken? Gaan we in 2050 volop genieten van uitstekende Scandinavische wijnen? Wellicht een leuk onderwerp voor een Oenotopia masterclass. Maar kan je die wijnen hier wel vinden? Ik denk het niet. Geen probleem, dan gaan we nog eens terug.
